Burgemeester Gerritsen op 4 mei: "Vrijheid is niet vanzelfsprekend"

Publicatiedatum: 
6 mei 2019
"Vrijheid is niet vanzelfsprekend." Dat zei burgemeester Arjen Gerritsen van Almelo tijdens de Nationale Herdenking op 4 mei: "Hoe verdraagzaam onze samenleving ook lijkt, we moeten steeds waakzaam zijn tegen onverdraagzaamheid."

Toespraken 4 mei 2019

Burgemeester Arjen Gerritsen hield een toespraak tijdens een bijeenkomst in Hof88 en tijdens de officiële herdenking op het Van Dronkelaarplein.

Toespraak op het Van Dronkelaarplein

Vandaag op 4 mei herdenken we alle Nederlanders die zijn omgekomen of vermoord in de Tweede Wereldoorlog en in oorlogssituaties en vredesmissies daarna. In Almelo meer dan 400 mensen. Hun namen zijn geschreven op de gedenkplaten op dit plein, zodat wij ze nooit vergeten.

Herdenken is belangrijk, als eerbetoon aan hen die zijn vermoord om wie zij waren of omdat zij streden voor onze vrijheid. We moeten die namen blijven herdenken, de gezichten laten zien en de persoonlijke verhalen blijven vertellen. Want de kracht van verhalen zorgt dat je vóelt, dat het binnenkomt. Herdenken krijgt pas inhoud als het je raakt. Pas dan besef je wáárom we gedenken. En wat dit betekent voor ons eigen leven. Daarom zijn exposities als ‘Waarom schrijf je me niet’ zo belangrijk. Die Nederlands-Duitse tentoonstelling was begin dit jaar in Almelo te zien.

Aan de hand van brieven en dagboeken leerden we over het leven van vijf mensen voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een Joods tienermeisje, een Joodse jonge man, een verzetsman en een vluchteling uit Duitsland en zijn vriendin. Hun verhalen lieten ons zien hoe hun persoonlijkheid, hun identiteit en hun vrijheid werd afgenomen. Hoe zij geen idee hadden van wat hen te wachten stond en geen mogelijkheid hadden aan hun lot te ontkomen. Een waardevolle expositie, die ons vandaag de dag laat stilstaan bij de huiveringwekkende gebeurtenissen in de Tweede Wereldoorlog.

Het thema van de herdenking dit jaar is ‘In vrijheid kiezen’. Dit jaar heeft Nederland honderd jaar algemeen kiesrecht. Voor de meeste mensen in Nederland is dit vanzelfsprekend. Maar vaak weten we zelf niet goed waar democratie nou voor staat. Welke verantwoordelijkheid we met z’n allen dragen om de rechtsstaat, én alle vrijheden die we daarbinnen hebben, te waarborgen. We staan elke dag op met het idee dat vrijheid en recht er altijd zullen zijn. Nou, beste mensen, niets is minder waar! We leven in een vrij land, we mogen over van alles en iedereen een mening hebben en we bepalen zelf wat goed voor ons is. En dat is (als iedereen daar goed mee omgaat) een mooie verworvenheid. Maar tegelijkertijd moeten ons blijven realiseren dat leven in vrijheid niet vanzelfsprekend is. Hoe verdraagzaam onze samenleving ook lijkt, we moeten steeds waakzaam zijn tegen onverdraagzaamheid, tegen de vernietigende toon die we tegen elkaar aanslaan, tegen het prilste begin van onvrijheid en onderdrukking. Tegen het móeten omdat een ander het wil.

Verplaatsen we ons voldoende in de ander? Hoe gaan wij om met andersdenkenden? Vrijheid van meningsuiting is een groot goed, maar vrije meningsuiting kan ook de maatschappelijke discussie smoren of vergiftigen. En vrijheid slaat dan om in ruzie, conflict of zelfs onderdrukking en oorlog. Ook in Nederland? Ja, ook in Nederland. Vrijheid is niet alleen van jezelf, maar ook van een ander. Het is de Gulden Regel uit de ethiek: ‘Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet’. Ofte wel: behandel anderen zoals jij ook door hen behandeld wilt worden. Het is een principe zo oud als de mensheid dat in alle culturen en alle godsdiensten onderwezen wordt.

Vrijheid is kwetsbaar. Zeker in deze onrustige wereld. Laten we juist daarom als we onze doden herdenken ook stilstaan bij de mensen die op dit moment leven in oorlog, armoede of onderdrukking, waar ook ter wereld. En laten we waardering en respect hebben voor alle Nederlandse militairen, te land, ter zee en in de lucht, die zich op dit moment inzetten in onder meer Mali, Irak, Afghanistan, Somalië en Zuid-Sudan, voor de vrijheid van ons en die van anderen.

We leven pas echt in vrijheid als onze medemens ver weg en dichtbij ook in vrijheid leeft. Dat voor elkaar te krijgen is de mooiste uitkomst van een herdenking als deze. Dank u wel.

Toespraak in Hof88 op 4 mei 2019

Het thema van dit jaar voor de dodenherdenking op 4 mei en de Bevrijdingsdag op 5 mei luidt ‘In vrijheid kiezen’. Het gaat over democratie, over kiesrecht, je stem uitbrengen in een vrij land waarin vrije burgers bepalen wie de regeermacht heeft. Het heeft natuurlijk alles te maken met de viering, dit jaar, van 100 jaar algemeen kiesrecht. We vinden het al 100 jaar volstrekt normaal dat iedere Nederlander, ongeacht afkomst, inkomen, vermogen of opleiding, kiesrecht, stemrecht heeft. Maar zo normaal we het ook vinden, vrijheid en democratie zijn niet vanzelfsprekend. Dat is één van de lessen die we leren van de Tweede Wereldoorlog. Binnenkort, op donderdag 23 mei, kunnen we onze stem uitbrengen voor de leden van het Europees Parlement. De Provinciale Statenverkiezingen hebben we net achter de rug. En we zijn gewend dat we eens in de vier jaar verkiezingen hebben voor de leden van de gemeenteraad.

Maar tijdens de bezettingsjaren van 1940 tot 1945 waren er geen verkiezingen. In het stadhuis worden onder meer de notulenboeken van de gemeenteraad bewaard. In één van die boeken staat het verslag van de laatste vergadering van de raad van Almelo, op 1 augustus 1941. In die vergadering belooft burgemeester Sichterman dat in de eerstvolgende vergadering een nota van B en W zal worden behandeld ‘betreffende een voorstel om enige auto’s van de Reinigingsdienst te voorzien van gasgeneratoren, een nota welke zich reeds in een vergevorderd stadium bevindt’. Een raadsvoorstel wordt aangekondigd voor de volgende vergadering.

Maar er zal geen eerstvolgende gemeenteraadsvergadering meer komen. Op 11 augustus 1941 verordonneerden de Duitse bezettingsautoriteiten dat ‘de werkzaamheden van de gemeenteraden en van de Provinciale Staten vanaf 1 september blijven rusten’ en dat ‘verkiezingen voor deze vertegenwoordigende lichamen niet meer plaatsvinden’. De Commissaris, niet van de Koningin, maar van de provincie Overijssel, beval begin augustus nog dat hij de agenda’s van alle raadsvergaderingen voortaan in het Duits wilde ontvangen, maar de raadsvergadering van de 27e werd door hem al afgelast. Alle macht kwam vanaf dat moment te liggen bij de ongekozen burgemeester Sichterman. Die had, meewerkend als hij was, op last van de bezetter in 1940 al twee raadsleden afgezet. Raadslid Wolf, omdat hij lid was van de Communistische Partij Nederland, de CPN, en raadslid Cohen van de partij Gemeentebelang omdat hij Jood was. Allebei hebben ze de oorlog niet overleefd. Zij werden door de Duitsers vermoord. Trouwens ook een ander raadslid, P.J. de Kok, die in het verzet zat, werd doodgeschoten. Dat gebeurde in Varsseveld op 2 maart 1945, zo’n 4 weken voordat Almelo in april van dat jaar werd bevrijd.

Iedere generatie heeft zijn eigen perspectief op de begrippen vrijheid en democratie. De generatie die de Tweede Wereldoorlog heeft meegemaakt, voelt er iets anders bij en geeft een andere betekenis aan vrijheid en democratie dan iemand die is geboren in 1990 of 2000. Maar door vanuit de vrijheid van nu terug te kijken op de onvrijheid van toen, zien we scherper dan ooit dat vrijheid en democratie niet alleen iets geven maar ook iets van ons vragen. Dat vrijheid en democratie niet vanzelf komen maar afhankelijk zijn van de betrokkenheid van burgers. Gewone mensen zoals u en ik. Zij behoren standpunten uit te wisselen en respectvol met elkaar te discussiëren. Niet elkaar op sociale media met bagger te overgooien. Ware vrijheid en democratie vereisen permanent debat tussen mensen die zich informeren en die kritisch durven kijken naar de macht. En bovenal: Vrijheid en democratie zijn afhankelijk van mensen die gebruik maken van hun kiesrecht. Zonder het recht om te kiezen zijn alle andere rechten zinloos. Het is een recht waarvoor velen, die wij vanavond herdenken, hun leven hebben gegeven tijdens de Tweede Wereldoorlog en in conflicten overal op de wereld in de jaren daarna.

Toch maakt lang niet iedereen gebruik van dat kostbare kiesrecht. In Almelo kwam bij de gemeenteraadsverkiezingen vorig jaar net de helft van de kiesgerechtigden opdagen en bij de Provinciale Statenverkiezingen dit voorjaar het er ook net 50%. Sommigen denken dat stemmen en meedoen zinloos zijn. Dat de politiek toch niet naar hen luistert. Dat de ‘hoge heren toch al hebben beslist’. Of ze denken: ‘Ze trekken zich niets van ons aan. Het zijn allemaal zakkenvullers en baantjesjagers.’ En inderdaad, politici gaan daarin niet altijd vrijuit. Maar het is de uitdaging voor de politiek om mensen die zich niet vertegenwoordigd voelen aan te spreken. ‘Nog maar heel weinig politici zijn in staat aan te geven welke samenleving men aan de komende generaties zou willen overdragen’, schreef Paul Scheffer in 2002 na de verkiezingsoverwinning van Pim Fortuyn.

En toch ligt juist dáárin de taak van de gekozen politicus. Politiek gaat niet over de actualiteit van de dag van vandaag, maar over de visie op de dag van morgen. Politiek heeft een enorme invloed op ons bestaan. Op hoe we wonen, hoe we werken, hoeveel we verdienen, op onze zorg én op de toekomst van onze kinderen. Toch hebben we vaak het gevoel dat de politiek niet gevoelig is voor onze zorgen en problemen. Maar politiek is iets anders dan pasklare oplossingen bieden voor ieders persoonlijke problemen. Als we over elk wetsvoorstel een referendum houden, komen we er snel achter hoe verschrikkelijk moeilijk politiek eigenlijk is. Politiek moet oplossingen zien te vinden voor bijzonder gecompliceerde problemen. Zeker in Nederland waar je altijd regeert met meerdere partijen tegelijk en dus compromissen moet sluiten.

Sommige mensen gaan niet stemmen omdat ze vinden dat ze er geen verstand van hebben. Maar verkiezingen gaan niet over het nemen van goede beslissingen. Verkiezingen gaan over legitimiteit. Door te stemmen geven kiezers het recht om te mogen regeren aan de politiek. Daarbij maakt het niet uit hoe hoog opgeleid of goed geïnformeerd de kiezer is. Je hebt het kiesrecht hoe dan ook. Het maakt niet uit hoe je je stem gebruikt. Áls je haar maar gebruikt. Áls je maar legitimiteit, volmacht geeft aan politici van je keuze. Anderen gaan niet stemmen omdat ze denken dat die ene stem van hen er niet toe doet tussen die miljoenen stemmen van andere kiezers, met wie ze het misschien totaal niet eens zijn. Maar dat is waar democratie om gaat: je maakt deel uit van een groter geheel, van een samenleving waarin voortdurend gewikt en gewogen moet worden. Jij bent slechts één onder heel veel anderen. De politiek moet rekening houden met de zorgen en behoeften van allen. En tegelijkertijd is democratie is niet de wet van de meerderheid, maar de bescherming van de minderheid.

De belangrijkste les die we leren van de Tweede Wereldoorlog is wat er gebeurt als de democratie met geweld wordt vernietigd. Daarom moeten we blijven werken aan een vrij land van vrije mensen en een vrije en democratische wereld waarin voor iedereen plaats is. Betrokkenheid, en dat is je stem uitbrengen, meedoen en de macht in de gaten houden, is een voorwaarde voor democratie. In haar boek Fascism: A Warning (een waarschuwing tegen fascisme) stelt de bekende Amerikaanse oud-minister van Buitenlandse Zaken Madeleine Albright dat democratie veel meer is dan een systeem. Het is niet iets dat in en grondwet opgeborgen zit. Albright noemt het ‘een manier van leven, een permanent gesprek’. Daarom is democratie geen vanzelfsprekendheid. De democratie is een opdracht. En als je die opdracht niet vervult keert het fascisme terug. Zo simpel is het. Ook nu.